Experimenteren met de AZR

Nieuws, Projecten1 Reactie

u bent hier:, ProjectenExperimenteren met de AZR

In de uitvoering van de AWBZ spelen diverse organisaties een rol: het CIZ bepaalt de toegang tot de zorg, het zorgkantoor wijst de zorg toe aan een zorgaanbieder en het CAK bepaalt de eigen bijdrage die de cliënt moet betalen. Verder zijn er het CVZ, de Nza, de IGZ en het ministerie van VWS die een controlerende en sturende rol spelen. Al deze organisaties wisselen gegevens uit, waarbij voor veel processen de AZR (AWBZ-brede Zorgregistratie) gebruikt wordt.

Figuur 1: AZR berichten in het AWBZ proces (de lichtblauwe berichten zijn geen AZR-berichten, maar spelen wel een belangrijke rol). Klik voor een grotere versie.
In figuur 1 zijn de belangrijkste berichten geschetst (NB: enkele getoonde berichten horen officieel niet tot de AZR, en ieder bericht kent een retourbericht dat niet is ingetekend).

Ooit is de AZR bedacht om inzicht te krijgen in wachtlijsten, maar nu is het een verzameling afspraken over berichten waarop diverse (administratieve) processen draaien. Door de jaren heen is de set berichten uitgebreid en zijn er allerlei technische en operationele regels toegevoegd. In navolging van de AWBZ zelf, is de AZR complex geworden, en klinken er geluiden dat het tot onacceptabele administratieve lasten leidt.

Er wordt gewerkt aan modernisering van de informatievoorziening in de AWBZ: er is een platform IZO dat met een toekomstbeeld is gekomen. Ook zijn er enkele “quick wins” in wording om op korte termijn verbetering te krijgen. Daarnaast wordt in het kader van de “Experimenten Regelarme Instellingen” (afgekort ERAI – wat Japans is voor “geweldig”) bij enkele zorginstellingen op een andere manier met AZR omgegaan.

Om deze experimenten te structureren en in goede banen te leiden hebben wij een analysekader ingericht. Daarover meer in een volgend artikel – dit artikel gaat in op een tweetal experimenten met AZR.

Vervangen berichtenstroom CAK

In de huidige situatie zijn er twee stromen berichten naar het CAK, waarmee de eigen bijdrage bepaald moet worden. Voor de intramurale zorg worden de AZR-berichten van de zorgaanbieder aan het zorgkantoor, doorgestuurd naar het CAK. Voor de extramurale zorg levert de zorgaanbieder de gegevens rechtstreeks aan het CAK via berichten in de “ZA”-standaard of via de webapplicatie Corfu (ook wel TZI – Thuiszorg Interace – genoemd).

Figuur 2: De verschillende gegevensstromen naar het CAK kunnen vereenvoudigd worden. Klik voor een grotere versie.
De gegevens die nodig zijn voor het bepalen van de eigen bijdrage zitten echter ook in de declaratieberichten die de zorgaanbieder aan het zorgkantoor stuurt. In enkele experimenten wordt dan ook getest of de AW319-berichten gebruikt kunnen worden om het CAK te voorzien van de benodigde gegevens. Voor de intramurale zorg is dat technisch lastig voor het CAK, die de afgelopen jaren juist hun systemen hebben afgestemd op het verwerken van de AZR-berichten die door het zorgkantoor doorgestuurd worden. Voor de extramurale zorg zal dat geen echte problemen geven.

Minder berichten naar zorgkantoor

Het zorgkantoor heeft een zorgplicht, en wil daarom goed op de hoogte zijn van de status van alle cliënten in haar regio. Met de opkomst van het “High Trust / High Penalty” concept, vinden de zorgaanbieders echter dat het zorgkantoor meer vertrouwen moet hebben in de zorgaanbieder.

Figuur 3: Door te vertrouwen op de zorgaanbieder zijn minder gegevens en dus minder berichten nodig. Klik voor een grotere versie.
Meer vertrouwen kan gepaard gaan met minder informatie, en daarmee wordt bij enkele instellingen  geëxperimenteerd.

 

De instellingen sturen geen meldingen van inzorgname, en geen mutaties, maar alleen nog declaraties. Hiermee kan het zorgkantoor niet voldoen aan alle rapportagevereisten die momenteel gelden, maar er kan wel invulling gegeven worden aan de zorgplicht.

Een inschatting van één van de betrokken instellingen is dat hiermee vier FTE aan administratief personeel bespaard kan worden.

Wat volgt?

De experimenten lopen het komende jaar. De ervaringen die daar opgedaan worden, worden verwerkt in het programma iAWBZ (informatievoorziening AWBZ). Belangrijkste doel van dat programma is om de informatievoorziening op zo’n manier in te richten, dat het flexibel genoeg is om de wijzigingen in de zorg en ondersteuning probleemloos op te vangen. Twee speerpunten hierbij zijn het vervangen van het “estafette”-systeem waarbij telkens alle gegevens van de ene partij naar de andere wordt doorgegeven, naar een netwerksysteem waarbij de gegevens op een vaste plek blijven, en beschikbaar gesteld worden als dat nodig is. Het andere speerpunt is de verdere afstemming van de informatievoorziening binnen de AWBZ met die in de aangrenzende domeinen: de ZVW en Wmo. Want ook daar gaan wijzigingen doorgevoerd worden.

Over de auteur:

Govert is één van de consultants van Noblesse Oblige.

Eén reactie op “Experimenteren met de AZR”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Top